16 augustus 2008

RAPPORT

Windenergie op zee: aanbevelingen 'Kafka-brigade'

Gisteren haalde Natuur en Milieu fors uit over de resultaten van het beleid m.b.t. windenergie op zee. De reactie van Natuur en Milieu was gebaseerd op een rapport van de 'Kafkabrigade'. De onderzoekers onderzochten de gang van zaken rond o.a. de vergunningverlening. Ze kwamen niet alleen met een nogal negatief oordeel, maar ook met een zevental aanbevelingen.

Als in 2020 een fors en aanzienlijk groter deel van onze energiehuishouding uit windenergie moet komen, zullen de bestaande procedures aangepast en versneld moeten worden. Met de huidige doorlooptijden en bureaucratische belemmeringen is deze doelstelling niet haalbaar. Op basis van een inventarisatie van knelpunten komt de 'Kaka-brigade' tot zeven aanbevelingen.

1. Consistentie in doelstellingen
De afgelopen jaren zijn kabinetsdoelstellingen gewijzigd. Voor marktpartijen komt dit onbetrouwbaar over. Ons advies is hierin consistent te zijn en vast te houden aan de doelstelling van 20% windenergie op zee in 2020, zodat voor iedereen duidelijk is waar naar toegewerkt moet worden. 

2. Beleg verantwoordelijkheid windenergie op de Noordzee op één plek 
Het is van belang het aantal direct betrokkenen te reduceren: één partij moet het voortouw en de verantwoordelijkheid kunnen nemen. Eenheid in kabinetsbeleid is geboden, dat vereist een politieke keuze. En aan die politieke keuze moet concreet gestalte gegeven worden (zie hieronder). Beleg de verantwoordelijkheid voor het behalen van de 20%-doelstelling bij één partij met doorzettingsmacht en laat deze de trekker zijn.
Voorbeelden uit onze buurlanden laten zien dat dat de ontwikkeling van 

3. Beleg windenergie op de Noordzee op de juiste plek 
Op dit moment is V&W, als coördinerend departement voor de Noordzee, verantwoordelijk. Maar is
dit wel de meest logische plek? Is het niet logischer de verantwoordelijkheid voor windmolenparken op zee onder te brengen bij EZ – verantwoordelijk voor energie - of bij VROM - als milieudepartement? In de huidige situatie lijkt namelijk niemand het voortouw te nemen. Voor het nieuwe beleid dient bepaald te worden wie de verantwoordelijkheid heeft. Marktpartijen geven aan EZ de meest logische optie te vinden.

4. Benoem niet alleen wat, maar ook hoe
Tot nu toe heeft het kabinet steeds gezegd dat de doelstelling is om in 2020 6000 MW windenergie van de Noordzee te laten komen, maar niet hoe ze dat willen bereiken. Hoeveel parken moeten er komen? Op welke plek? In welk tempo? Hoe zit het met aansluiting op het land? Dit laatste blijkt namelijk een van de
belangrijkste problemen van ontwikkelaars. Als je als overheid de expliciete keuze maakt dat windenergie op zee de toekomst heeft en daar ook daadwerkelijk gevolg aan wilt geven, dan zou je bijvoorbeeld de ontwikkelaars tegemoet kunnen komen door een stopcontact op zee te maken, aangezien aansluiting op het land één van de lastigste aspecten vormt. Het is cruciaal de politieke keuze voor windenergie te
concretiseren door stappen te formuleren die het behalen van de 20%-doelstelling mogelijk maken. Maak dit proces vooral duidelijk en transparant.


5. Wijs locaties voor windmolenparken aan
Ons advies is voor de ontwikkeling van nieuw beleid een heldere keuze te maken over de mogelijke locaties en daar het vergunningen- en subsidiebeleid op aan te passen. In België is een bepaald gebied aangewezen waarbinnen windmolenpark op zee gebouwd mogen worden. Dit betekent dat, in tegenstelling tot in Nederland, niet steeds opnieuw nut, noodzaak en mogelijkheid voor een aanvraag voor de bouw
van een windmolenpark hoeven te worden bewezen. 


6. Koppel vergunningverlening en subsidieverlening
Een vergunningperiode van vijf jaar of langer kan zowel de ontwikkelaar als de overheid zich in dat opzicht niet permitteren. Koppel daarom een locatie aan een geïntegreerde aanvraagprocedure voor vergunning en subsidie.

7. Stel nieuw beleid niet uit
Het is goed te beseffen dat de bestaande windmolenparken op de Nederlandse Noordzee een capaciteit hebben van 228MW. De parken die de 450 MW moeten gaan leveren die in deze kabinetsperiode nog vergund gaan worden, zullen naar verwachting pas in 2015 operationeel zijn. Bij elkaar leveren de windmolenparken tegen die tijd 678 MW. De 6000 MW van 2020 is dan nog ver weg. Maar vanuit de
markt is er voldoende interesse om die ambitie te halen. Als het kabinet een succes wil maken van windenergie op de Noordzee is het zaak om concrete, effectieve stappen te ondernemen. Het kabinet laat nu weten dat eerst de liggende aanvragen worden afgehandeld en dan, vanaf 2011, nieuw beleid zal gelden. Waarom wachten met nieuw beleid maken tot alle liggende voorstellen weggewerkt zijn? De ervaring
heeft geleerd dat nieuw beleid en de vergunningsprocedure veel tijd in beslag neemt. Als er voor 2020 nog 5772 MW gebouwd moet worden, is er geen tijd te verliezen. Doorschuiven naar een volgende kabinetsperiode helpt daarbij niet. Het lukt alleen als in deze kabinetsperiode stappen worden gezet en een snellere aanvraagprocedure wordt ingesteld.


De 'Kafkabrigade' is een samenwerkingsproject van Stichting Nederland Kennisland en onderzoeks- en adviesbureau Zenc. De Kafkabrigade helpt overheden met het opsporen en aanpakken van onnodige bureaucratie. De brigade begint daarbij bij de eindgebruiker (een burger, ondernemer of ambtenaar) die volstrekt is vastgelopen in alle regels, processen en procedures. Vervolgens worden alle betrokkenen – uitvoerders, managers, beleidsmakers, bestuurders en experts – betrokken om samen eerste stappen in de richting van structurele oplossing te inventariseren.

 

 

Bron:
Persbericht Natuur en Milieu, 15 augustus 2008  
Rapport Kafkabrigade (volledige tekst), 15 augustus 2008   
Website Kafkabrigade   
Eerder bricht op website Energieraad (15 augustus 2008)

 

 

 

terug

 

 

Het energienieuws op deze site is uitsluitend geselecteerd naar journalistieke criteria.
De selectie is geen uitdrukking van standpunten van de Energieraad.
Persberichten kunnen worden gezonden naar webredactie-energieraad@cb-media.nl