M.e.r.-richtlijnen onderzoeksreactor Pallas
Minister Huizinga heeft de Kamer de m.e.r.-richtlijnen voor de nieuwe onderzoeksreactor Pallas toegezonden. De Pallas gaat de Hoge Flux reactor in Petten vervangen.
Uit de brief aan de Tweede Kamer
>> (...) Bij het vaststellen van de richtlijnen MER voor de nieuwe onderzoeksreactor PALLAS heeft het advies van de Commissie voor de m.e.r. als basis gediend. Op onderdelen is dit advies nader in-/aangevuld. Hiermee is meer expliciet gemaakt welke informatie het MER in elk geval dient te bevatten, zodat daarover geen onduidelijkheid kan bestaan.
Naast het advies van de Commissie voor de m.e.r. is de inhoud van de richtlijnen ook gebaseerd op de wettelijke inhoudseisen aan een MER, de startnotitie m.e.r., de overige adviezen en alle op de startnotitie ingebrachte zienswijzen. Bovendien zijn de richtlijnen, voordat zij definitief werden vastgesteld, onderwerp geweest van een externe review door twee in milieueffectrapporten gespecialiseerde bureaus, te weten Royal Haskoning en International Safety Research Europe. De uitkomsten van beide second opinions zijn waar mogelijk in de richtlijnen voor de onderzoeksreactor PALLAS verwerkt.
Verdere procedure
Op basis van de richtlijnen is het nu aan NRG als initiatiefnemer om een MER op te stellen.
Te zijner tijd zal NRG dit MER tezamen met alle noodzakelijke vergunningenaanvragen, waaronder die op grond van de Kernenergiewet, bij het bevoegd gezag indienen. In het kader van deze vergunningprocedure staan voor een ieder de wettelijke mogelijkheden open om in te spreken op het MER en de ontwerpbeschikking.
Communicatie
Wij realiseren ons dat de bouw en bedrijfsvoering van een kernreactor een onderwerp is dat zeer gevoelig ligt bij omwonenden, milieugroeperingen en andere belanghebbenden.
Mede op basis van het onlangs verschenen rapport van het Sociaal Cultureel Planbureau De publieke opinie over kernenergie en internationale praktijkervaringen bij het opstellen van milieustudies voor nucleaire installaties hebben wij NRG daarom in overweging gegeven om naast de wettelijke inspraakmogelijkheden, gedurende het proces van het opstellen van het MER, tussentijds informatie te geven aan belanghebbenden en aanvullende participatie van belanghebbenden te bevorderen en hen mee te nemen in de totstandkoming van het MER.
Daarnaast hebben wij NRG in overweging gegeven om een communicatieplan op te stellen, waarin kan worden aangegeven hoe belanghebbenden worden betrokken bij het opstellen van het MER, wat er wordt gedaan met de verkregen informatie en hoe dit wordt teruggekoppeld naar de belanghebbenden. (...) <<
Bron:
Brief aan de Tweede Kamer, 30 juni 2010
Richtlijnen