5 november 2007

Energiebranche: 'Handen af van kolencentrales'

Joost van Dijk, zelf directeur van het eneriebedrijf E.ON Benelux, vindt dat de overheid maar één instrument nodig heeft om de CO2-doelen te realiseren en dat is de emissiehandel. 'Dan heb je een gelijk speelveld in Europa'.
E.ON, Electrabel, RWE, Essent en Nuon hebben elk plannen voor een nieuwe kolencentrale.
'Nederland importeert op dit moment 20% van zijn elektriciteit. Er moet veel geïnvesteerd worden in grootschalige elektriciteitsopwekking', zegt Van Dijk. 'Er wordt ook geïnvesteerd in nieuwe gasgestookte centrales, biomassa en windenergie. Het is een mix.'
Van Dijk bepleit een andere aanpak in de relatie tussen overheid en energiebedrijven. Hij noemt het voorbeeld van het VME-voorstel rond de zwavelemissies. 'We stellen een systeem voor op basis van het principe de vervuiler betaalt. Als een partij een nieuwe kolencentrale wil bouwen waardoor de zwavelemissies in Nederland door het vastgestelde plafond gaan, dan moet de meest vervuilende centrale maatregelen nemen. (...) Het zou raar zijn om aan nieuwe centrales extreme emissie-eisen te stellen, terwijl oude centrales lekker blijven vervuilen. (...) Als we wachten tot de overheid maatregelen neemt, krijg je de situatie dat niet één maar alle installaties aangepast moeten worden.'
Volgens Van Dijk is minister Cramer (VROM) 'erg te spreken' over zijn voorstel.
Vandaag staat in het Financieele Dagblad ook een bijdrage van oud-minister Jan Terlouw die vindt dat de politiek investeringen in duurzame energie moet afdwingen. Terlouw schrijft dit op de opiniepagina Optiek. Hij vindt het probleem van de verduurzaming van de energievoorziening geen technisch of economisch probleem, maar vooral een politiek probleem. 'De kern van het probleem is namelijk politiek van aard en heeft te maken met gevestigde belangen. Er zijn honderden miljarden geïnvesteerd in booreilanden, in pijpleidingen en raffinaderijen; investeringen waarop aandeelhouders een rendement willen ontvangen. Die belangen zijn reëel, ze kunnen niet worden genegeerd. Maar wat me mateloos verbaast is dat de politiek die belangen niet zichtbaar, niet bespreekbaar maakt.'
'Energie uit het verbranden van kolen is moeilijk duurzaam te noemen', stelt Terlouw, die benadrukt dat de verduurzaming zowel technisch als economisch op te lossen is.
'De kern van het probleem is van politieke aard en heeft te maken met de gevestigde belangen. Het gaat daarbij vooral om de vraag waar die belangen liggen. Het zit in de structuren die die belangen beschermen, en dat zijn structuren die het moeilijk maken om een beleid voor de lange termijn te voeren.
Wat moet gebeuren is mijns inziens het volgende. De politiek moet die belangen eerst zichtbaar maken en er over durven spreken. Vervolgens moet de politiek een dialoog aangaan met de grote spelers in het veld, zoals de oliemaatschappijen en de elektriciteitsproducenten. Die grote spelers hebben een verantwoordelijkheid naar hun aandeelhouders, de politiek heeft een verantwoordelijkheid naar de volgende generatie. De grote spelers zullen de bereidheid moeten tonen om hun investeringen voor een significant deel om te gaan buigen in de richting van duurzame energie. Ze zullen daar alleen aan mee willen werken als de overheid door middel van wetgeving zorgt voor een level playing field.
Zijn de grote spelers niet bereid krachtig mee te werken aan een duurzaamheidsbeleid, dan heeft de overheid uiteindelijk de plicht om het zelf te gaan doen. Dat is niet iets nieuws. In het verleden heeft de overheid activiteiten als spoorwegen, posterijen, energievoorziening altijd zelf gedaan. Want alleen de overheid heeft echt de mogelijkheid langetermijnbeleid te voeren. Ik, die me een liberaal noem, betreur in dit verband veel van de liberaliserings- en privatiseringsbewegingen van de laatste jaren.'

De bijdrage van dr. Jan Terlouw is een bewerking van zijn inbreng in het Energy Square-debat dat Shell en FD Intelligence onlangs organiseerden. Jan Terlouw is voorzitter van het Platform Gebouwde Omgeving van de Task Force Energietransitie. 

VME-voorzitter Joost van Dijk werd geïnterviewd als een nadere kennismaking met de nieuwe Nederlandse Vereniging voor Marktwerking in Energie (VME), een afscheiding van EnergieNed. De VME heeft vier leden: E.ON Benelux, Electrabel Nederland, RWE Nederland en Oxxio.

Bron:
Het Financieele Dagblad 5 november 2007 ''Branche: handen af van kolencentrales' 
Het Financieele Dagblad 5 november 2007 'Nieuwe energiebranchevereniging breekt met trage overlegcultuur' 
Het Financieele Dagblad 5 november 2007 'Jan Terlouw: Leg gestolde energiebelangen bloot' 

 

terug

 

 

Het energienieuws op deze site is uitsluitend geselecteerd naar journalistieke criteria.
De selectie is geen uitdrukking van standpunten van de Energieraad.
Persberichten kunnen worden gezonden naar webredactie-energieraad@cb-media.nl